Officieel erkend leerbedrijf SBB

SBB erkend leerbedrijf - Entjes Administratie en Advies

Sinds 4 maart 2021 is Entjes Administratie en Advies een officieel erkend leerbedrijf door Stichting Beroepsonderwijs & Bedrijfsleven (SBB). Om erkend te worden als leerbedrijf moeten wij aan diverse kwaliteits- en ervaringseisen voldoen.

Opleidingen

Als erkend leerbedrijf zullen wij onder andere de volgende opleidingen ondersteunen:

  • Financieel Administratief Medewerker (Niveau 3)
  • Bedrijfsadministrateur (Niveau 4)
  • Junior Assistent-Accountant (Niveau 4)

Kennis en kwaliteit

Wij zijn trots dat wij als administratiekantoor de kennis en kwaliteit kunnen bieden om de studenten te mogen opleiden tot een échte boekhouder in ons team.

BOL- en BBL-studenten

Wij bieden stageplekken en leerwerkplekken aan voor BOL- en BBL-studenten.

Read more

Partnerschap DSG Legal

Partnerschap DSG Legal - Entjes Administratie en Advies

Ondernemen moeilijk? Problemen met een opdrachtgever of klanten? Sta je voor een fusie, overname, samenwerking of een andere vorm waarbij een overeenkomst de eerste stap is? Welke juridische problemen kun je als ondernemer nu echt tegenaan lopen?

Partnerschap

Om onze klanten écht van dienst te zijn en onze kennis te verbreden, zijn wij een partnerschap aangegaan met een échte bedrijfsjurist

  • DSG Legal

De professioneel betrokken jurist voor de ondernemende sector. Wij helpen ondernemers om te ondernemen met zo min mogelijk risico.

DSG Legal voert een algemene praktijk op de gebieden Wonen, Werken en Leven maar heeft een focus op het arbeidsrecht, ondernemingsrecht (start en groei onderneming), privacyrecht en contractenrecht. Het kantoor fungeert als het ware als jouw persoonlijk aanspreekpunt en overziet je gehele dossier. DSG Legal zet zich dan ook met bevlogenheid in om de belangen van de klant te behartigen en het recht naar de goede kant te buigen voor de klant. Als DSG Legal jouw zaak behartigt dan weet je zeker dat jouw probleem serieus wordt genomen en naar een oplossing wordt gezocht.

Diensten

Wij fungeren niet alleen als boekhouder, maar bieden onze ondernemers zoveel mogelijk ondersteuning, kennis en dragen graag een steentje bij een het verminderen van risico’s voor de ondernemer. Onze jurist kan hiermee helpen met de volgende diensten:

  • Controleren en opstellen van contracten (algemene voorwaarden, samenwerkingsovereenkomsten, aandeelhoudersovereenkomsten, overeenkomst van opdracht e.d.)
  • Zaken waarbij de overheid betrokken is (vergunningen, dwangsom, omgevingsrecht)
  • Verbintenissen en overeenkomsten (wanprestatie, incasso en geldvorderingen e.d.)
  • Bespreken van visies en plannen voor je onderneming (start of groei)
  • Privacyrecht
  • Ontslag- en arbeidszaken (vaststellingsovereenkomst, UWV, rechtbank)

Contactpersoon

Bij DSG Legal krijg je te maken met Debby ’s-Gravendijk. Haar kennis en ervaringen:

  • 15 jaar ervaring in de juridische dienstverlening
  • Waarvan 10 jaar ervaring met het procesrecht (gemeente, rechtbank)
  • Mr. in de rechten

Waarom kies je voor ons?

  • Alle kennis is onder één dak
  • Wij helpen een dure rechtszaak te voorkomen
  • Wij spelen in op de situatie
  • Jouw dossier is bij ons geen nummer
  • Wij hebben een luisterend oor
  • Wij zoeken mee naar de juiste oplossing

Andere diensten

Juridisch advies is bij ons een versterking van onze service en wij bieden jou graag de volledige opties om te worden ontzien van financiële- en ondernemersproblemen.

Naast juridisch advies helpen wij jou graag met onze combinatiepakketten. Zo helpen wij jullie ook graag met de boekhouding, de belastingaangiften, het opstellen van jaarrekeningen en/of tussentijdse rapportages, personeelszaken en het geven van gerichte adviezen.

Wij maken graag een heldere offerte voor je op.

Read more

TONK-regeling vermoedelijk vanaf 1 maart 2021 open

TONK-regeling - Entjes Administratie en Advies

De gemeentelijke loketten waar ondernemers de Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten (TONK) kunnen aanvragen, gaan naar verwachting 1 maart 2021 open. De ondernemer kan een beroep op deze regeling doen als hij een inkomensterugval ondervindt door de gevolgen van de coronacrisis en als andere regelingen onvoldoende uitkomst bieden. De regeling loopt tot 30 juni 2021.

Vanaf 1 januari 2021 is er ook ondersteuning voor mensen die te maken hebben met een onvoorzienbare en onvermijdelijke terugval in hun inkomen, maar die niet of onvoldoende een beroep kunnen doen op andere coronaregelingen.

Wat is de TONK en voor wie?

De TONK is een vergoeding voor noodzakelijke kosten, zoals huur, aflossing hypotheek, hypotheekrente en kosten voor nutsvoorzieningen als gas, water en licht. In principe hoeft de ontvanger de tegemoetkoming niet terug te betalen. Als iemand op korte termijn voldoende geld heeft om de kosten zelf te dragen, kan de TONK als lening worden verstrekt. Gemeenten voeren de regeling uit en kunnen de TONK met terugwerkende kracht toekennen. De TONK is geen inkomensondersteuning en ook geen exclusieve ondernemersregeling. De hoogte hangt af van de situatie. Zo kijkt de gemeente onder andere naar de hoogte van de (woon)kosten, het huidige inkomen en welk deel van de kosten iemand zelf nog kan betalen. Op basis van de Participatiewet kunnen gemeenten daarvoor zelf beleidsregels opstellen.

Voorwaarden

Om voor de tegemoetkoming in aanmerking te komen, moet men aan een aantal voorwaarden voldoen. Zo controleren gemeenten of:

  • een huishouden onvoldoende draagkracht heeft om vaste lasten te betalen uit het beschikbare gezinsinkomen en het beschikbare privévermogen;
  • er geen sprake is van direct beschikbaar privévermogen, zoals contant geld, geld op betaal- en spaarrekeningen of cryptovaluta (zoals bitcoins). De gemeente kijkt niet naar vermogen uit onderneming;
  • het vermogen niet boven een nader te stellen grens uitkomt. Dit kan per gemeente verschillen;
  • de aanvrager niet jonger is dan 18 jaar.

De TONK-regeling gaat vermoedelijk per 1 maart 2021 open. De TONK is een vergoeding voor noodzakelijke kosten, zoals huur, aflossing hypotheek, hypotheekrente en kosten voor nutsvoorzieningen als gas, water en licht. In principe hoeft de ontvanger de tegemoetkoming niet terug te betalen. Als iemand op korte termijn voldoende geld heeft om de kosten zelf te dragen, kan de TONK als lening worden verstrekt. Gemeenten voeren de regeling uit en kunnen de TONK met terugwerkende kracht toekennen.

Read more

Hoe omgaan met duurzaam bouwen?

Duurzaam bouwen - Entjes Administratie en Advies

De ambities in het Energieakkoord zijn groot. Van bijna energieneutraal voor nieuwbouw (2021) tot volledig energieneutraal vanaf 2050. Voor de gebouwde omgeving is de druk vanuit de overheid hoog. Welke kansen en risico’s geeft dit?

Duurzaam bouwen

Uitputting van natuurlijke grondstoffen, toename vervuiling van de aarde, grotere vraag naar energie en voorkoming van energieverlies zijn items waar we allemaal mee te maken hebben. Van de bouw wordt verwacht dat deze een belangrijke rol zal spelen om aan de uitdagingen waarvoor we met elkaar staan, mede vanuit de verplichtingen vastgelegd in het Energieakkoord, het hoofd te bieden.

Aanpassingen voorschriften

De voorschriften (Bouwbesluit), energieprestaties en bouw- en verbouwregels zijn of worden aangepast, waardoor andere keuzes moeten worden gemaakt om aan de duurzaamheidseisen te kunnen voldoen.

Toepassing materialen

Dat houdt ook in dat er keuzes moeten worden gemaakt voor duurzame materialen die van belang zijn voor milieu, gezondheid, bruikbaarheid, energiezuinigheid, verbeterde isolatie en ventilatie en voor materialen die circulair zijn.

De weg naar volledig duurzaam

  1. Van belang is om als beginpunt een beleidsplan op te stellen. Hierin moet duidelijk worden hoe het bedrijf en haar medewerkers om zal gaan met de veranderende voorschriften en eisen, de communicatie naar de markt zal doen, het beleid ten aanzien van leveranciers en onderaannemers vormgeeft en niet in de laatste plaats de omgang met klanten regelt (Wkb).
  2. Een belangrijk onderwerp is hoe het bedrijf vormgeeft aan haar plaats in de maatschappij door Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen. De visie daarover kan eenvoudig worden vastgelegd in de formulering van het MVO-beleid als artikel in offertes en andere aanbiedingen of kan nader uitgewerkt worden in een uitgebreider motiveringsplan dat mede aan klanten ter beschikking wordt gesteld en op de website een plaats krijgt.
  3. Het zal steeds opnieuw nodig blijken dat de kennis continu moet worden ververst in verband met allerlei wijzigingen en aanpassingen op bestaande regels nu en later en vanwege aangepast overheidsbeleid. Tip. Volg hiervoor https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/duurzaam-bouwen-en-verbouwen/duurzaam-bouwen
  4. Ontwikkeling medewerkers. Het opleiden van medewerkers is van belang om het vastgestelde beleid te kunnen uitvoeren. Het is makkelijk om via webinars in te schrijven op aangeboden online opleidingen of voorlichtingsbijeenkomsten. Vergeet ook de medewerkers op de bouwplaatsen niet. Voorzie hen in ieder geval van wat het beleid is en wat zij op hun plek kunnen doen om aan de doelstellingen te kunnen voldoen. Sommigen staan zelfs rechtstreeks in contact met opdrachtgevers en zijn de voorposten.
  5. Leveranciers en onderaannemers. De geformuleerde doelstellingen gelden ook op inkoopgebied. De keuze van leveranciers en uiteraard onderaannemers zou kunnen wijzigen indien zij niet aan de doelstelling kunnen voldoen. Ook zij allen kunnen helpen om de juiste materialen te gebruiken of andere verwerkingsmethoden toe te passen. Let er bijv. op of leveranciers/onderaannemers voldoen aan kwaliteitskeurmerken, zoals VCA, ISO 9001, ISO 14001.
  6. Duurzaam bouwen hoeft niet per se duurder te zijn. Het toepassen van andere materialen en bouwmethoden kan voordeliger zijn en zeker voor klanten gunstiger uitpakken vanwege energiebesparing, lagere onderhoudskosten en minder waterverbruik. Neem dit op in aanbiedingen.
  7. De rijksoverheid ondersteunt duurzaam bouwen met verschillende regelingen:
  • Regeling groenprojecten: belastingvoordeel bij investeringen in erkende duurzame projecten;
  • NESK: voor energieneutrale scholen en kantoren;
  • MIA: belastingvoordeel voor duurzame bedrijfsinvesteringen.

Raadpleeg hiervoor bijv. de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO.nl).

Borging

Voor voortdurend zicht op het beleid en uitvoering van de doelstellingen, alsmede op kwaliteit, kan een medewerker worden benoemd die zorgt voor de borging, zowel intern als extern bij klanten. Tip. Evaluaties helpen om risico’s en tekortkomingen bij te stellen en te voorkomen. Voorkom risico’s door af te wijken van voorschriften en kwaliteit (Toekomstige Wet kwaliteitsborging voor het bouwen).

Duurzaam bouwen speelt al een belangrijke rol in de huidige bouwwereld. Opdrachtgevers stellen eisen op dat gebied en dus is het raadzaam om het een beleidspunt te maken op de interne agenda. Zo voorkomt u risico’s om op achterstand te komen of om uitgesloten te worden, dan wel om aansprakelijk te worden gesteld.

Read more

Gebruikelijk loon voor 2021 verlagen?

Gebruikelijk loon verlagen 2021 - Entjes Administratie en Advies

De werknemer die (samengevat) minstens 5% van de aandelen of een bepaalde soort aandelen in een BV houdt, is aanmerkelijkbelanghouder (ab-houder). Wanneer de ab-houder werkt voor de BV waarin hij aandelen houdt (bijv. omdat hij DGA is), geldt de ‘gebruikelijkloonregeling’.

Standaard

Het standaard gebruikelijk loon voor 2021 is ten opzichte van 2020 verhoogd van € 46.000 naar € 47.000.

Coronacrisis

In 2020 kon vanwege de coronacrisis het gebruikelijk loon tijdelijk worden verlaagd. Dit geldt ook voor 2021 bij een omzetdaling die is veroorzaakt door de coronacrisis. Als vergelijking geldt hierbij de omzet over heel 2019. De regeling staat open voor vennootschappen die in 2021 ten opzichte van 2019 ten minste 30% omzetverlies hebben geleden.

Voorwaarden

Heeft u als gevolg van de coronacrisis te maken met een omzetdaling, dan mag u, zonder de Belastingdienst hiervoor om toestemming te vragen, voor uw aangiften loonheffingen over 2021 het gebruikelijk loon lager vaststellen. Overleg met de Belastingdienst is dan dus niet vereist. Wilt u gebruikmaken van deze verlaging, dan moet u aan de hiernavolgende voorwaarden voldoen.

  • De rekening-courantschuld of het dividend mag niet toenemen als gevolg van het lagere gebruikelijk loon.
  • Als de aanmerkelijkbelanghouder (de DGA) in werkelijkheid een hoger loon heeft gehad dan volgt uit hiernavolgende berekening, dan geldt dat hogere loon.
  • Als uw omzet in 2019, 2020 of 2021 is beïnvloed door bijzondere zaken, zoals een oprichting, staking, fusie, splitsing of bijzondere resultaten, dan past u hiernavolgende berekening toe zonder deze beïnvloeding.

Berekening

Voor 2021 gebruikt u de volgende berekening:

Gebruikelijk loon 2021 = A x B / C

A = het gebruikelijk loon over 2019

B = de omzet (exclusief btw) over heel 2021

C = de omzet (exclusief btw) over heel 2019

Als gevolg van de coronacrisis mag u voor de DGA bij een omzetdaling het gebruikelijk loon lager vaststellen aan de hand van een formule. Gebruik hiervoor onze rekentool.

Read more

Fiscale boete ontslagvergoeding gewijzigd per 1 januari 2021

Fiscale boete ontslagvergoeding gewijzigd per 1 januari 2021 - Entjes Administratie en Advies

Op 1 januari 2021 is een aantal maatregelen uit het Pensioenakkoord uitgewerkt in de Wet bedrag ineens, RVU en verlofsparen. Wat betekenen deze regels voor u als werkgever en voor uw werknemers? Wat betekent dit voor de RVU-heffing?

Meer keuzevrijheid

Eigen keuzes. In de Wet bedrag ineens, RVU en verlofsparen zijn drie maatregelen uit het Pensioenakkoord uitgewerkt met als doel werknemers meer ruimte te bieden om eigen keuzes te maken over het pensioen.

Terugwerkende kracht

De nieuwe regels inzake de regeling voor vervroegde uittreding gelden (met terugwerkende kracht) sinds 1 januari 2021 en zijn dus nu al geldig.

Wat betekent dit voor u?

Waar krijgt u mee te maken?

Wat wijzigt er precies en wat betekent dit voor u als werkgever (en voor uw werknemers)? Een belangrijk onderdeel van de regels gaat over de RVU-heffing. RVU staat voor regeling voor vervroegde uittreding.

Boete voor werkgever

De ‘oude’ regeling hield in dat als u een werknemer die een paar jaar voor zijn pensionering zat, een vergoeding betaalde om hem of haar financieel in staat te stellen om de periode tot aan de pensionering te overbruggen, u als werkgever een RVU-boete verschuldigd was van 52% eindheffing.

Vijf jaar lang geen heffing

Daar komt nu (tijdelijk) verandering in. De komende vijf jaar mag u als werkgever aan een werknemer een vergoeding meegeven zonder dat dit leidt tot een RVU-heffing.

Voorwaarden

Niet voor niets

Natuurlijk moet u als werkgever aan een aantal voorwaarden voldoen om in aanmerking te komen voor de RVU-vrijstelling. Twee belangrijke voorwaarden voor de vrijstelling gaan over het ingangsmoment en over het bedrag dat uiteindelijk wordt betaald aan de medewerker die eerder vertrekt.

  • U mag de vergoeding toekennen over (maximaal) 36 maanden direct voorafgaand aan het bereiken van de AOW-leeftijd door uw werknemer.
  • Het bedrag dat u per maand ten hoogste vrijgesteld kunt betalen, is het bedrag dat (na vermindering van loonbelasting en premie volksverzekeringen) gelijk is aan de (netto) AOW-uitkering.

Wat kunt u hiermee?

Meewerken zonder boete

Als werkgever kunt u nu dus de komende vijf jaar meewerken aan een beëindigingsregeling onder toekenning van een vergoeding, zolang u maar de voorwaarden van de RVU-vrijstelling respecteert.

Wel of geen vergoeding? Of u als werkgever een vergoeding wilt en kunt meegeven en wat redelijk is, zal afhangen van omstandigheden.

  • Wat is de reden voor de beëindiging?
  • Wie neemt daartoe het initiatief?
  • Welke afspraken worden er verder gemaakt?

Kunnen en willen. Deze punten en mogelijk ook andere feiten en omstandigheden kunnen van belang zijn voor wat redelijk en wat mogelijk is.

Niet verplicht. Bij het treffen van een regeling is van belang dat u en uw werknemer beide open moeten staan voor een regeling. U kunt hem of haar niet dwingen om eerder te vertrekken.

Van twee kanten. Het omgekeerde is ook waar. U bent als werkgever nooit verplicht om mee te werken als een werknemer graag met een regeling eerder uit dienst wil.

Niet iedere werknemer haalt probleemloos zijn pensioen. Sinds 1 januari 2021 kunt u zonder het risico van een RVU-heffing een ‘vertrekregeling’ treffen met uw werknemer. Dit moet voor beide partijen vrijwillig zijn.

Read more

Huurkorting bedrijfsruimte door corona?

Huurkorting bedrijfsruimte Corona - Entjes Administratie en Advies

Ondanks de oproep van de politiek om de pijn door corona tussen huurder en verhuurder te verdelen, geven veel verhuurders niet thuis. Hierover hebben al rechtszaken plaatsgevonden. Welke conclusie valt hieruit voorzichtig al te trekken?

Verzocht om huurkorting

Vanaf mei 2020 verschenen de eerste rechterlijke uitspraken, waarbij huurders probeerden een huurkorting via de rechter af te dwingen. Inmiddels zijn er ruim 25 (kortgeding)uitspraken gewezen over deze problematiek. Daardoor kan een eerste balans worden opgemaakt. Tip. Er kan met voorzichtigheid worden geconcludeerd dat rechters in het algemeen in kort geding meer op de hand van huurders zijn. Veel zaken zijn overwegend in het voordeel van de huurder beslist. Soms geeft de rechter aan dat er in juridische zin sprake is van ‘een gebrek’, maar in de meeste gevallen op grond van ‘onvoorziene omstandigheden’. Let op. Daarbij moet wel de kanttekening worden gemaakt dat rechters in kort geding een voorlopig oordeel uitspreken en uitsluitend kunnen spreken over opschorting van de huur (en niet kwijtschelding). Het oordeel van de kortgedingrechter loopt vooruit op de uitspraak in een bodemprocedure. Dit soort uitspraken zijn er echter nog niet.

Voorspelling wel van betekenis

De uitspraken van de voorzieningenrechters geven echter wel een voorspelling over de mogelijke uitkomst van bodemprocedures en zijn dan ook niet zonder betekenis. Inmiddels zijn van verschillende regio’s in het hele land vonnissen bekend. Zo is bij de Rechtbank Amsterdam een duidelijke lijn in het voordeel van huurders te bekennen. Bij Rechtbank Assen, aangespannen door AB InBev en een van de eerste zaken, vond de rechter dat de pijn door de keten moest worden verdeeld: verhuurder, de brouwerij (en tussen(ver)huurder) en de exploitant. Zij hoefden tijdens de sluiting van het café ieder slechts 1/3 deel van de huur te betalen.

Is er dan geen richtlijn te geven?

Jawel. Zeker in Amsterdam bepalen rechters geregeld dat een huurkorting/opschorting over de periode van verplichte sluiting 50% bedraagt. In de periode na heropening, waarbij er nog sprake is van beperkende maatregelen, wordt inmiddels regelmatig 25% toegewezen. Tip. Grosso modo kan worden gezegd dat een huurkorting van drie maanden over 2020 haalbaar zou moeten zijn. De kortingen die in rechtspraak worden toegekend, lijken zich ook niet te beperken tot de eerste golf. Verhuurders worden blijkens de meest recente uitspraken ook meegetrokken in de pijn van de tweede golf die zich vanaf oktober 2020 voordoet.

Waar kunt u zelf rekening mee houden?

Hoewel u niet altijd keihard op zaken, zoals betalingsgedrag en goed huurderschap, hoeft te worden afgerekend, is het verstandig om hier toch rekening mee te houden.

Wat heeft u daaraan?

Een huurder die voldoet aan alle genoemde punten (goed betalingsgedrag voor corona, etc.) en die niet het procesinitiatief wenst te nemen of kan nemen, doet er verstandig aan in ieder geval ten minste 50% van de huur te (blijven) voldoen bij gehele sluiting en ten minste 75% bij gedeeltelijke sluiting en transparant en onderbouwd de verhuurder mee te delen waarom niet de volledige huursom voldaan kan worden. Hierdoor dient de verhuurder gerechtelijke stappen te zetten en wordt het risico op ontbinding en ontruiming toch zo veel als mogelijk beperkt. Een garantie kan echter niet gegeven worden.

Rechters lijken steeds meer op de hand van de huurder te zijn, al is dat geen garantie voor succes. Haalt overleg met de verhuurder niets uit, voldoe dan bijv. 1/3 deel van de huur en laat de verhuurder procederen over de rest. U moet dan wel enkele zaken goed voor elkaar hebben. Download ons overzicht hiertoe, dan maakt u meer kans.

Read more

Is een arbeidsongeschiktheidsverzekering echt zo duur?

Arbeidsongeschiktheidsverzekering - Entjes Administratie en Advies

Veel ondernemers ervaren de premie van een arbeidsongeschiktheidsverzekering (AOV) als hoog. Dat vormt voor velen een belemmering om zo’n verzekering af te sluiten. Klopt dat beeld?

Iemand die in loondienst werkt, hoeft zich geen zorgen te maken over zijn inkomsten bij ziekte, arbeidsongeschiktheid of een ongeval. Mogelijk is het inkomen lager, maar een basisvoorziening is geregeld. Voor zelfstandigen ligt dat anders. Zij moeten zichzelf verzekeren. Veel ondernemers doen dat niet. Uit onderzoeken blijkt dat in sommige sectoren slechts 20% een arbeidsongeschiktheidsverzekering (AOV) heeft. Daarvoor zijn een aantal redenen. Een belangrijke reden is de hoogte van de premie.

Wat bepaalt de premie van een AOV?

Ingedeeld in klassen

De verzekeringsmogelijkheden en premie van een AOV worden door een aantal factoren bepaald, bijv. de beroepsklasse en de eindleeftijd. Administratieve beroepen worden ingedeeld in klasse 1, zware lichamelijk beroepen in klasse 4 of 5. De premie van klasse 4 of 5 is (veel) hoger dan die van klasse 1. Een eindleeftijd van 65 jaar is (veel duurder) dan 55 jaar, maar hoe zit het nu met de premie? Is deze echt zo hoog?

Vergelijking loondienst en AOV

Klaas als voorbeeld

Door de vele factoren die bij de premie van een AOV een rol spelen, is vergelijken bij voorbaat lastig. Maar laten we een poging doen met Klaas als voorbeeld. Klaas is zelfstandige, 40 jaar, doet administratief werk en verdient gemiddeld € 36.000 bruto per jaar.

Premie AOV als administrateur

Een indicatieve premie voor een AOV die loopt tot 67 jaar met een wachttijd van 30 dagen, kost ongeveer € 175 bruto per maand. Deze premie is fiscaal aftrekbaar.

Wat krijgt hij ervoor terug?

Uiteraard hoopt Klaas nooit van deze verzekering gebruik te hoeven maken, maar hoe zit het als Klaas op zijn 50e volledig arbeidsongeschikt raakt? In dat geval moet de verzekeraar tot Klaas zijn 67e jaar betalen. In dit concrete geval betekent dat 17 jaar lang een bedrag van € 25.200 (70% van € 36.000). Hierdoor is de totale ‘schade’ voor de verzekeraar € 428.400 (17 x € 25.200).

Afgezet tegen de premie

Als we dat afzetten tegen een premie van € 175 per maand, heeft Klaas in totaal tien jaar premie betaald. Dat is in totaal € 21.000 (€ 175 x 12 maanden x 10 jaar).

Premie AOV als metselaar is veel hoger

Wanneer Klaas echter metselaar zou zijn, zou hij zich kunnen verzekeren tot zijn 60e en de premie wordt dan € 480 per maand. Klaas betaalt als metselaar dus meer premie en kan zich niet tot zijn pensioen verzekeren. De beroepsklasse heeft dus enorm veel invloed en veroorzaakt enorme verschillen in premies tussen AOV’s.

Hoe kunt u de premie beïnvloeden?

Verzeker alleen wat nodig is

Als u een AOV afsluit, kunt u zelf de hoogte van de uitkering bepalen. Hoe hoger de uitkering, hoe hoger de premie. Bekijk daarom goed hoeveel u daadwerkelijk nodig heeft in uw dagelijks leven en stem daar de hoogte van de uitkering op af.

Combineren kan ook

Tegenwoordig zijn broodfondsen, waarin de deelnemers maandelijks inleggen en maximaal twee jaar een uitkering kunnen ontvangen, in opkomst. De inleg bij zo’n fonds is meestal veel lager dan de premie voor een AOV. Als u deelneemt aan een broodfonds, kunt u voor de AOV een wachttijd van twee jaar afspreken. Dat scheelt enorm in de premie.

Een AOV is een dure verzekering. Er zijn echter diverse mogelijkheden om de premie beheersbaar te houden. Zo kunt u een AOV met een wachttijd van twee jaar combineren met een broodfonds. Zorg dat u niet meer verzekert dan u nodig heeft.

Read more

Eenmalige huurverlaging woning voor zzp’ers?

Eenmalige Huurverlaging woning ZZP'ers - Entjes Administratie en Advies

Als zzp’er in een sociale huurwoning heeft u mogelijk recht op eenmalige huurverlaging, zo blijkt uit een wetsvoorstel dat op 1 december 2020 is aangenomen door de Eerste Kamer. Hoe zit dat precies?

Recht op huurverlaging voor zzp’ers

Nieuwe regeling

Op grond van het wetsvoorstel ‘Wet eenmalige huurverlaging huurders met een lager inkomen’ dat op 1 december 2020 is aangenomen door de Eerste Kamer krijgen huishoudens met een sociale huurwoning recht op een eenmalige huurverlaging, als ze relatief te duur wonen.

Ook voor zzp’ers

Dit geldt ook voor zzp’ers die een teruglopend inkomen hebben, bijv. als gevolg van de coronacrisis. Om in aanmerking te komen, moet uw inkomen onder de inkomensgrenzen voor passend toewijzen liggen en u moet een huurprijs hebben die boven de voor u geldende aftoppingsgrens ligt. Deze grens is in 2021 € 40.421.

Zelf aanvragen

Verzoek bij corporatie

Als zzp’er kunt u zelf een verzoek indienen bij de woningcorporatie. Hierbij is het van belang dat inkomensdaling ten minste zes maanden voorafgaand aan dit verzoek tot huurverlaging moet zijn opgetreden.

Zelf aantonen

Als huurder moet u dus aannemelijk maken dat u te maken heeft met een inkomensdaling en u moet aantonen dat het huishoudinkomen in de voorgaande zes maanden niet hoger was dan de toepasselijke inkomensgrens voor passend toewijzen.

Boekhouder

Als zzp’er heeft u voor de ‘bewijsvoering’ wel een verklaring van uw boekhouder nodig. Tip. Als uw inkomen lager is vanwege de coronacrisis, zal het waarschijnlijk niet al te moeilijk zijn om dit aan te tonen. Doe zelf alvast uw huiswerk, dan hoeft zo’n verklaring van de boekhouder niet al te veel te kosten.

Samenstelling huishouden

Als huurder moet u een zelf opgestelde verklaring over de actuele samenstelling van uw huishouden verstrekken.

Hoe snel beslissen?

Voorstel

De woningcorporatie moet binnen drie weken na ontvangst van deze gegevens een huurverlagingsvoorstel doen. Tip. Als u de gegevens aangetekend verstuurt, heeft u in elk geval bewijs van verzending en kunt u aantonen wanneer het voorstel binnen was of had moeten zijn.

Nog dit jaar!

De huurverlaging gaat in op de eerste dag van de tweede maand na de datum van het voorstel. U kunt een verzoek tot eenmalige huurverlaging indienen tot 31 december 2021.

Rol huurcommissie

Bezwaar

Wordt de huur niet verlaagd of te weinig verlaagd, dan kunt u naar de Huurcommissie stappen om een uitspraak te vragen. De Huurcommissie kan daarna uitspreken of u in aanmerking komt voor huurverlaging.

Spontaan voorstel woningcorporatie

Verklaring Belastingdienst

De woningcorporatie kan u ook zelf een voorstel tot huurverlaging doen. Hiervoor krijgt de woningcorporatie namelijk voor woningen met een huurprijs boven de laagste aftoppingsgrens (€ 633,25 in 2021) een verklaring van de Belastingdienst.

Inkomen en huur

Als uit deze verklaring blijkt dat uw inkomen in 2019 lager was dan de inkomensgrens voor passend toewijzen en de geldende huurprijs hoger is dan de voor u geldende aftoppingsgrens, dan stelt de woningcorporatie u ‘spontaan’ een huurverlaging voor. De woningcorporatie heeft hiervoor de tijd tot uiterlijk 1 april 2021.

Als zzp’er betaalt u als gevolg van de coronacrisis mogelijk een te hoge huur voor uw huurwoning. U kunt zelf een huurverlaging aanvragen bij de woningcorporatie. U kunt ook wachten tot de verhuurder (vaak een woningcorporatie) zelf met een voorstel komt.

Read more

Hoeveel btw over omzet speelautomaat en entertainment?

BTW speelautomaat en entertainment - Entjes Administratie en Advies

Er zijn de laatste tijd steeds meer family entertainment centers met diverse speelautomaten. Anders dan bij gokhallen gaat het vooral om amusement. Maar welk btw-tarief moet u voor dergelijk amusement berekenen, aldus de rechter?

Family entertainment en btw

Nederland kent steeds meer family entertainment centers. Zoals de naam al doet vermoeden, gaat het in dergelijke gelegenheden vooral om amusement en vermaak. Anders dan vroeger bevatten dergelijke centers tal van spellen en speelt de traditionele flipperkast nog maar een ondergeschikte rol. Anders dan bij gokhallen draait het bij de spelers niet om geldelijke winst, maar om vermaak en het winnen van een leuke prijs. Maar welk btw-tarief moet u voor een dergelijke voorziening berekenen? De rechters denken hier tot nu toe verschillend over, dus wat is wijsheid?

Wanneer laag btw-tarief?

Het lage btw-tarief is volgens een eerdere uitspraak van de Hoge Raad onder meer van toepassing op ‘primair en permanent voor vermaak en dagrecreatie ingerichte voorzieningen, die wat inrichting betreft op één lijn kunnen worden gesteld met attractieparken, speel- en siertuinen’. Let op. In een zaak die onlangs speelde, was de rechtbank in Den Haag van mening dat amusementshallen niet aan deze omschrijving voldoen. Volgens de rechter kan een automatenhal nu eenmaal niet vergeleken worden met een attractiepark. De rechter stelde de inspecteur dan ook in het gelijk (ECLI:NL:RBDHA:2020:9529) .

Vrij toegankelijk

De rechter overwoog ook nog dat de automatenhal vrij toegankelijk was. Er werd geen entree geheven, maar wie wilde spelen, moest een playcard aanschaffen en hierop een speeltegoed storten. Dit betekende dat de ontvangsten van uw collega niet de vergoeding vormden voor het verlenen van toegang tot de automatenhal. Ook daarom was volgens de rechter het hoge tarief van toepassing.

Rechters denken verschillend

Hoewel de argumentatie van de rechter aannemelijk klinkt, zijn de meningen onder rechters toch verdeeld. Zo oordeelde in 2018 Rechtbank Zeeland-West-Brabant dat in een vergelijkbare situatie het lage btw-tarief van 9% van toepassing is. De uitspraak werd in hoger beroep door Gerechtshof ‘s-Hertogenbosch bevestigd (ECLI:NL:GHSHE:2019:555) . Deze uitspraak moet nog door de Hoge Raad worden beoordeeld. Daarbij laat ons hoogste rechtscollege zich altijd vooraf adviseren door de advocaat-generaal. Deze kwam tot het oordeel dat het hoge tarief van 21% van toepassing moet zijn en adviseerde de Hoge Raad om de fiscus in het gelijk te stellen. Het advies van de advocaat-generaal was voor de rechtbank in Den Haag een reden om niet uw collega, maar de fiscus gelijk te geven.

Wat kunt u hiermee?

De Hoge Raad volgt het advies van de advocaat-generaal meestal wel, maar niet altijd. Zolang de Hoge Raad nog geen uitspraak in deze zaak heeft gedaan, is het onzeker welk btw-tarief in vergelijkbare situaties toegepast moet worden. Let op. Past u het lage tarief toe, dan riskeert u naheffingen met boetes. Past u het hoge tarief toe, dan doet u zichzelf wellicht tekort. Tip. Daarom is het aan te bevelen het hoge tarief toe te passen en af te dragen, maar na iedere btw-aangifte direct bezwaar te maken tegen uw eigen aangifte. Op deze manier stelt u uw rechten veilig als de Hoge Raad uw collega in het gelijk stelt. In uw bezwaar kunt u de inspecteur ook verzoeken het bezwaarschrift nog even aan te houden, totdat er een uitspraak van de Hoge Raad ligt. Dit is voor u en voor de fiscus de makkelijkste weg.

Het is nog onduidelijk welk btw-tarief er geldt voor family entertainment centers en soortgelijke vormen van vermaak. Bereken in soortgelijke zaken daarom het 21%-tarief en maak bezwaar tegen uw eigen aangifte totdat de Hoge Raad duidelijkheid geeft.

Read more
Archieven
×

Powered by WhatsApp Chat

× Hoe kan ik je helpen?